Steenuilen in ons werkgebied

Steenuilen in ons werkgebied

De steenuil: hoe groot is de populatie?

In de jaren vijftig van de vorige eeuw werd de populatie nog op 25.000 steenuil-paren geschat, terwijl de meest recente schatting (2018-2020) uitgaat van 8000 tot 9500 paren in Nederland (zie website SOVON). Die achteruitgang heeft waarschijnlijk te maken met het verlies van de natuurlijk leefomgeving van de steenuil en een geschikte nestgelegenheid. Waar vind je nog voldoende knotwilgen en half vervallen boerenschuren? Ook het voedselaanbod (het aantal muizen en insecten) is in de loop der jaren dramatisch gedaald.

Steenuilen in ons werkgebied

Zitten er in in onze regio veel steenuiltjes? Voordat ik, Pauline Nijboer, bij de Uilenwerkgroep zat, had ik nog nooit een steenuiltje gezien. Maar ook dat zegt natuurlijk weinig. Laat ik dan maar eens wat cijfers weergeven:
In 2015 hadden we in ons werkgebied 65 steenuilkasten en telden we 27 steenuilen. In 2023 waren dit 88 steenuilen, maar 2024 verliep teleurstellend door het hele natte jaar (waardoor er waarschijnlijk veel muizen zijn verdronken en veel insectenlarven niet het volwassen stadium bereikten). Toen telden we maar 60 steenuiltjes.

In 2025 bezocht de Uilenwerkgroep (met 20 vrijwilligers) 114 steenuil-kasten. 34 van deze kasten waren bezet door steenuilen en er zijn 70 jongen geteld. Opvallend is dat er in vergelijking met 2024 wel meer broedgevallen zijn, maar dat het aantal jongen per broedgeval laag blijft. Dat zou er op kunnen duiden dat het voedselaanbod weliswaar beter was dan in 2024, maar zeker nog niet voldoende is. In vergelijking met 2015 lijkt het aantal steenuilen in dit werkgebied verdubbeld. Dat is toch een mooi resultaat!

Nestkasten zeggen niet alles

De uilen die wij tellen, zijn natuurlijk lang niet alle steenuilen in de regio. Er zijn andere opties om te gaan broeden, zoals onder een afdak in een schuur of in een boomholte van een knotwilg. Deze steenuilen tellen we niet mee, tenzij we weten dat ze er zijn.

Er zijn ook veel particulieren die zelf een eigen kast hebben gemaakt en/of opgehangen. Deze tellen we niet mee, omdat we er geen weet van hebben. Het komt wél regelmatig voor dat deze particulieren na verloop van tijd het monitoren en onderhouden van de kasten aan ons overdragen.

Wat verder mee kan spelen bij de telling is de broedtijd. Een steenuil broedt in de regel maar 1x per jaar, incidenteel is er een tweede legsel in juni. Het kan zijn dat als wij gaan tellen, de jongen net weggevlogen zijn en dus niet meer op het nest zitten. We proberen dit natuurlijk te voorkomen door in een bepaalde periode te gaan tellen. Maar goed, het kan zijn dat de vogel al gevlogen is…

Bedankt gastgevers en vrijwilligers!

Tellingen van steenuilen geven we door aan Brabants Landschap. En hoe doet “ ons” werkgebied het dan ten opzichte van de rest van Nederland? Dan verwijs ik u graag naar de website van SOVON. Ons gebied heeft een iets donkere kleur oranje (op de plaat van Nederland), wat duidt op een grotere populatie steenuilen. Het lijkt te helpen om meer aandacht te besteden aan de steenuilen, middels o.a. het plaatsen van nestkasten. Dus bij deze bedankt aan al deze gastgevers en aan al onze vrijwilligers die deze kasten twee keer per jaar bezoeken.

Wat kunt u als natuurliefhebber doen voor deze mooie kleine uilen?

De steenuil heeft een divers menu, variërend van muizen tot insecten en wormen. Dat betekent dat een biodivers erf en met aangrenzende kleinschalige percelen binnen een straal van 200 meter rond de nestplek belangrijk is. De combinatie van een kleine boomgaard, een gazon, een bloementuin, een moestuin, een paardenwei en een flinke composthoop, alles binnen 100-200 meter van de nestplek, vormt een geweldig leefgebied voor de steenuil.
Bij een kleinere tuin is één of twee van de volgende maatregelen altijd beter dan geen maatregelen:

  • Het planten van fruitbomen of notenbomen trekt veel insecten en muizen aan, waarvan de steenuilen profiteren.
  • Een vijver is niet alleen leuk voor je tuin, maar ook een ‘hotspot’ voor salamanders en hagedisjes, insecten en kleine zoogdieren. Maak het allemaal niet te netjes (misschien wel de grootste uitdaging!) en zorg ervoor dat dieren ook de vijver weer kunnen verlaten.
  • Een langwerpige takkenstapel (een takkenril), waarin gesnoeid hout verwerkt wordt, is ook een aanwinst voor een steenuil.
  • Leg een composthoop aan, bijvoorbeeld in de buurt van je kleine boomgaard.

En de laatste tip: gebruik geen bestrijdingsmiddelen tegen knaagdieren. Het gebruik is voor particulieren niet meer toegestaan. Steenuilen lopen het risico om deze middelen binnen te krijgen via de muizen die ze eten. Het gif zorgt voor een écht ellendige dood van de uil (of andere roofdiertjes). Gebruik daarom de ouderwetse muizenval en laat de steenuil buitenshuis de muizen vangen.

Foto: Athene noctua - Steenuil adult - Saxifraga - Theo Verstrael

Free Joomla templates by Ltheme